Spinsels

In het kerkblad staan regelmatig verhalen en gedichten of overdenkingen voor jong en oud. Een aantal daarvan plaatsen we hier.

Hallo Bandoeng……

In 1929 kwam de eerste telefonieverbinding met het voormalig Nederlands Indië tot stand.

Om met je familie in Indië te bellen moest je naar Scheveningen waar de verbinding met Indië tot stand kwam. Een oom van mij bezat in de vijftiger jaren van de vorige eeuw nog een koffergrammofoon met platen. Zo’n opwindgeval. Daar hoorde ik een lied zingen door Lou Bandy en ik ken het nog bijna helemaal uit mijn hoofd.  Een heel verdrietig lied van een oud moedertje die naar Scheveningen was gereisd om de stem van haar zoon in Bandoeng te horen.

’t Oude moedertje zat bevend
Op het telegraafkantoor
Vriend’lijk sprak de ambt’naar juffrouw
Aanstonds geeft Bandoeng gehoor
Trillend op haar stramme benen
Greep ze naar de microfoon
En toen hoorde zij- oh wonder
Zacht de stem van hare zoon….

Wanneer ik dit type, schiet er weer een brok in mijn keel.
Het lied vertelt verder van de zoon die al een paar jaar in Indië zit en daar nog één jaar moet zijn.

Lieve jongen sprak zij teder.
Ik heb maandenlang gespaard
‘t was om jou te kunnen spreken
Mijn allerlaatste gulden waard.
En ontroerd zegt hij dan moeder.
Nog een jaar dan is het om
Vrouwtje lief wat zal ‘k je pakken
Als ik weer in Holland kom

En het eindigt zo diep tragisch…..

Wacht eens moeder zei hij lachend
Bracht mijn jongste zoontje mee
Even later hoort zij duid’lijk
‘Opoe lief, tabé…, tabé…
En dan wordt het haar te machtig.
Bevend zegt zij dan: ’Oh Heer…
Dank dat ik dat heb mogen horen
En dan valt ze wenend neer.

Hallo Bandoeng…. klinkt over verre zee
Zij is niet meer, en het kindje roept tabé…

Dan denk ik aan onze tijd. Wij mogen door de Lockdown elkaar niet bezoeken. Bandoeng ligt thans in Nederland.
Maar wat een verschil. Wij kunnen skypen, hang outen, zoomen, en zo vanuit onze huiskamer in beeld en geluid onze kinderen en kleinkinderen ontmoeten. Dat is toch een reden tot diepe dankbaarheid.
Maar als ik de geluiden hoor valt dat wel eens tegen.  Dan hoor ik woorden als: ’ t’ Jonge, wat is het geluid schel, hou die tablet of telefoon eens stil. Het beeld is zo onrustig, ik word er helemaal tureluurs van’.
En dan gaan ze eerst een half uur ingenieuren om beeld en geluid wat beter te krijgen. Ze geven elkaar druk aanwijzingen.
Daarna is het weer: ”Borisje nu moet jij eens rustig blijven zitten en niet zo heen en weer wiebelen, oma wordt daar helemaal draaierig van. Jammer hè, dat we niet even kunnen knuffelen….’.
Ik heb nooit geweten dat Nederlanders zulke vrijdozen waren…….
Iedereen heeft nu opeens last van huidhonger. Tot voor kort wist ik niet wat dat was – huidhonger.
Denkend aan dat ‘oude moedertje’ ben ik toch dankbaar voor de zegeningen van de moderne techniek.

R. Stoel